Welcome on the weblog of dr. P. de Vries (As the labels indicate contributions are both in Dutch and English)
vrijdag 9 december 2016
Calvijn Institutie van 1541
donderdag 25 augustus 2016
De persoon, het werk en de gaven van de Heilige Geest
Brakel vertelt hoe in de tijd dat hij predikant was te Harlingen er zes of acht jonge vrouwen waren die zich, als profetessen ten dienste van de Heere overgaven en overal waar zij daartoe de gelegenheid kregen mensen tot kennis van God en tot bekering aanspoorden.
Daarbij hebben zij kennelijk zelf aangevoeld, wanneer zij zo konden bidden. Nu worden vele zieken de handen opgelegd zonder dat genezing volgt. Al helemaal duidelijk is dat in de apostolische tijd nooit genezingsdiensten werden georganiseerd.
maandag 4 april 2016
De preken van Calvijn over Genesis
dinsdag 1 december 2015
Overwegingen bij Calvijn
Calvijn was er zeker van dat ondanks het feit dat het overgrote deel van het Joodse volk Jezus niet als Messias heeft erkend, God toch Zijn verbond met Israël gestand doet. Er blijft onder het Joodse volk een overblijfsel naar Gods verkiezing. Nadrukkelijker dan Zachman aangeeft, betekent dit voor Calvijn dat er telkens weer Joden zullen zijn die Jezus als de vervulling van de wet en de profeten leren zien.
vrijdag 19 juni 2015
Een prachtig boek over Luther
Bij het sollicitatiegesprek dat tot zijn benoeming leidde, werd hem de vraag gesteld. Bij het sollicitatiegesprek dat tot zijn benoeming leidde, werd hem de vraag gesteld: Wiens boeken zou je mee-nemen als je naar een onbewoond eiland moest? Die van Luther of van Calvijn? Hoewel Trueman een overtuigd presbyteriaan is, antwoordde hij zonder aarzeling Luther.
Mooi is de opmerking van Trueman dat wij niet in alles met iemand eens moeten zijn om toch van hem te kunnen leren. Hebben wij dat gedaan, dan moeten wij ook niet gaan doen of degene van wie wat wij leerden in alles onze geestverwant is.
Wanneer Trueman zegt dat Luther ook alle gereformeerden zonder meer zou hebben afgeschreven, weet ik dat niet. Luther heeft nooit echt en volledig van de avondmaalsleer van Calvijn kennis-genomen. Ik zou mij kunnen voorstellen dat hij die uitbundig zou hebben toegejuicht, maar bij Luther kan je ook een tegengestelde reactie verwachten.
Trueman geeft toe dat die vraag legitiem is. Hij voegt er echter aan toe dat veel eigentijdse preken een heel sterk moralistisch karakter dragen. Wij horen hoe wij met ons geld moeten omgaan, onze kinderen opvoeden enz. Dat is dan de spits van de preek Voor Luther was een dergelijke prediking wetsprediking in burgerlijke zin. Zo worden er rijke jongelingen gekweekt.
Echter voor hem was dan niet het belangrijkst dat hij zijn kinderen iets leerde maar juist omgekeerd. Hoe ontroert kon Luther worden door het simpele Godsvertrouwen van een kind. Dat kinderlijke Godsvertrouwen is ook typerend voor Luther zelf.
Vrijheid is nooit een vrijheid die kon bestaan zonder het leven naar de tien geboden. Truemann wijst erop dat Luther voor een relatie tussen twee mensen van hetzelfde geslacht of een overspelige relatie het woord liefde alleen zou kunnen gebruiken als liefde tot de zonde.
maandag 16 juni 2014
Hoe moet het Evangelie in deze veranderde samenleving worden doorgegeven? 4
Waarin mag
de kerk veranderen en wat moet zij vasthouden?
Er zijn
culturele veranderingen waar je als kerk zonder bezwaar in mee kunt gaan, al
moeten in een plaatselijke gemeente veranderingen altijd met wijsheid worden
ingevoerd. Ik noem een aantal voorbeelden van veranderingen uit het verleden.
In de negentiende eeuw kwam in de Angelsaksische kerk het verschijnsel van
mannenverenigingen en vrouwenverenigingen op. Er bleek behoefte te zijn zich op
deze wijze in het Woord te verdiepen. In de twintigste eeuw heeft steeds breder
dit verschijnsel ook in kerkelijk Nederland zijn plaats gekregen.
In onze
individualistische tijd moeten mensen vaak moeite doen elkaar te ontmoeten. In
meerdere gemeenten ontstaat de gewoonte om met een zekere regelmaat na de
dienst koffie te drinken. In een gemeente waar mensen elkaar doordeweeks
nauwelijks zien – en dat is behalve gemeenten in dorpen – bijna overal het
geval, zal die behoefte vaak ontstaan. Koffie drinken na de dienst is dan een
vorm om hieraan tegemoet te komen. Te hopen is dat in de gesprekken ook de
inhoud van de prediking - en nog dieper: het Evangelie van Gods genade - ter
sprake komt, maar dat geldt ook voor gesprekken op het kerkplein.
Nu voltrekken er
zich echter tal van culturele veranderingen die strijdig zijn met Gods Woord. We
kunnen vooral denken aan de visie op seksualiteit en gezin. De Westerse samenleving
onttrekt zich aan normen en waarden ontleend aan het christelijk geloof die
haar eeuwenlang hebben gestempeld. Daarin moet de Kerk, wil zij Kerk zijn en
blijven, niet meegaan. Dan kunnen we veel leren van de Vroege Kerk uit de
periode vóór Constantijn. Een ware christen is tot lijden bereid.
Rentmeester
maar bovenal pelgrim
Kenmerkend voor
het christen-zijn zijn pelgrimschap en vreemdelingschap. Ongetwijfeld heeft de
christen ook de roeping hier op aarde een rentmeester te zijn en zich verantwoordelijk
te weten voor de ordening en het welzijn van de samenleving. Echter, het rentmeesterschap
staat principieel onder de koepel van het vreemdelingschap. Gods koninkrijk is
namelijk niet van deze wereld. De boodschap van het koninkrijk is een boodschap
van vergeving van zonden en bekering tot God. De vernieuwing daaraan verbonden
– ook in sociaal opzicht – kan nooit losgemaakt worden van persoonlijk geloof
en bekering.
Waar het
Evangelie machtig op harten beslag legt, zal de zegenrijke werking van het
Evangelie ook in de samenleving zichtbaar worden. Er is dan echter hooguit
indirect een verbinding met de boodschap van Gods koninkrijk. Nergens in het
Nieuwe Testament wordt vernieuwing en verbetering van de samenleving als een
directe opdracht van de christelijke kerk gezien. In haar eigen midden dienen
de onderlinge verhoudingen door het Evangelie te worden gestempeld.
Werkt dat door
in de samenleving, dan sprak Augustinus over een uiterlijke vrede die hij
terecht heel nadrukkelijk van de vrede van het Evangelie onderscheidde. In het
voetspoor van Augustinus maakt Calvijn in het slothoofdstuk van de Institutie
onderscheid tussen de geestelijke en de burgerlijke gerechtigheid. Omdat de
Kerk uitziet naar de volle manifestatie van het koninkrijk van God predikt zij
het Evangelie van geloof en bekering en ziet zij met brandend verlangen uit
naar de wederkomst van Christus.
Dan en niet
eerder zal het koninkrijk van God haar verborgen gestalte afleggen. Dan zal de
schepping niet meer zuchten onder de vergankelijkheid. Dan zal de strijd van
christenen tegen de duivel, de wereld en het eigen ik voorbij zijn. Dan is ook
de scheiding definitief. Wie hier op aarde niet door wedergeboorte het
koninkrijk van God binnenging zal dan eeuwig buiten staan. Een christen is dan
ook vanaf zijn wedergeboorte een pelgrim op reis naar een beter vaderland waar
God alles is en dat in allen voor een ieder die hier gewassen en gereinigd werd
door Christus’ bloed.